Jeroen van Merwijk is milder, maar niet minder


Geplaatst in Theaterrecensies op . Gepubliceerd in: Theaterkrant

foto: Jaap Reedijk

‘Wat een arrogante, elitaire man. Fijn dat ie gestopt is.’
Dit kwam een aantal jaren geleden uit de mond van een Amsterdamse tramreiziger. Hier was niet tegenaan te discussiëren en de rit naar Centraal Station was ook te kort. Wat had die dame het fout. Maar ja, als je de stijlfiguur ironie niet kan doorgronden, dan is er ook geen houden aan. Toch lijkt Jeroen van Merwijk aan zijn beeldvorming te hebben gewerkt. Weg vermeende arrogantie. Hij wacht zijn publiek voor aanvang in de foyer handenschuddend op, en aan het eind van de pauze loopt hij eventjes langs de tafeltjes om te vertellen dat hij weer gaat beginnen.
In zijn ‘oudejaarsconference in liedvorm is Jeroen van Merwijk beduidend milder dan we van hem gewend zijn. Minder scherp, minder hard. En Jezus, hij begint zelfs met het Wilhelmus, begeleid op een rood-wit-blauwe blokfluit. Ironie, ja ik weet het, maar toch. En geen mindblowing openingszinnen meer als ‘Een man moet af en toe gewoon eens iemand doodslaan’ of ‘Wat zijn de vrouwen groot. Laatst lag ik op het strand, ik denk: daar ligt een rondvaartboot.’ Dat is jammer. En dat vindt Van Merwijk zelf ook, want afgelopen zomer schreef hij op zijn Facebook-pagina:

Ik heb de laatste tijd niet veel haatdragends opgeschreven
Ik ben ieder jaar een tikje losser in de leer
En de stompzinnigheid van mensen is mij steeds meer om het even
Ik kan er niets aan doen: ik deradicaliseer

En bij Wilders denk ik soms: wat heeft hij eigenlijk misdreven
Ik ben de laatste tijd gevoeliger voor sfeer
Ik moet als ik een VVD er zie haast nooit meer overgeven
Het is een waarheid als een koe: ik deradicaliseer

Dat kan toch zo niet doorgaan? Geef mij iets om voor te leven
Ik word net zo’n slappe zak als Onze Lieve Heer
Ik wil door nietsontziende haat weer worden voortgedreven
Snel, voor het te laat is, want ik deradicaliseer

Die Facebook-pagina van de liedjesschrijver is een absolute goudmijn. Elke dag schrijft Van Merwijk een 12-regelig gedicht. Het is even scrollen, maar dan heb je ook wat. Want als je die gedichten bij elkaar optelt heb je een indrukwekkende en allesomvattende oudejaarsconference van vele uren. Met daarbij de betreurde doden, zoals Martine Bijl en Rutger Hauer, (Blauwe ogen blonde lokken/Serieus en toch met gein/Vechten, zuipen, vrijen, knokken/Een monnik en een libertijn), de Haagse en buitenlandse politiek, de VAR, het songfestival, de macht van de farmaceutische industrie, het beven van Angela Merkel en nog wat maatschappelijke misstanden. Dat wordt niet te pruimen nachtwerk in het theater, en een aantal onderwerpen is te particulier of bij nader inzien toch niet zo interessant meer. Maar het is een uitstekend idee van Van Merwijk dat hij een selectie uit die enorme voorraad heeft gerecycled tot Was volgend jaar maar vast voorbij. Een klein praatje erbij en aan die gedichten zijn bekende drie akkoorden toegevoegd en hup, het programma is klaar.
Tsja, die drie akkoorden. Van Merwijk stelt dat het om de tekst gaat en daarmee uit, maar voor de ware muziekliefhebber blijft het een beperking. Daar komt bij dat Van Merwijk heel open is over de aandoening van Dupytren, waardoor de spieren (onder meer in zijn hand) verstijven. Dat komt zijn gitaarspel ook niet ten goede. Hij had de autoharp die hij heeft meegenomen om zijn handen wat te ontzien, wel wat meer mogen gebruiken.
En dan zijn elitaire gedrag. Weet u nog, dat bewaar van die chagrijnige Amsterdamse tramreiziger? Ja, dat is Van Merwijk zeker. Maar wat is daar in hemelsnaam mis mee? Goddank dat we ons niet allemaal op het niveau van Veronica Inside, RTL Boulevard en het spelletjesgeneuzel van Linda de Mol hoeven te begeven. En gelukkig dat hij niet gestopt is. Dat was toen natuurlijk een loos dreigement, want van schilderen alleen kan men doorgaans niet leven en de ijdelheid om enorm gewaardeerd te worden in kleine kring is een sterke motivatie. Daarbij kwam zijn Utrechtse maatje Harrie Jekkers vanuit Spanje langs en wilde wel met Van Merwijk een tournee maken. Zo kon Van Merwijk met de nog niet vergeten publiekstrekker ook eens in grote zalen staan met het daarbij behorende gage.
En nu dus weer alleen. Geniet er maar van, voordat het te laat is.

Jeroen van Merwijk
Was volgend jaar maar vast voorbij
Griffioen Amstelveen, 13 november 2019