De Franse zuchtmeisjes van Vic van de Reijt


Geplaatst in Theaterrecensies op . Gepubliceerd in: de Volkskrant

Hoort Ces bottes sont faites pour marcher van de zangeres Eileen, een vertaling van These boots are made for walking van Nancy Sinatra, nog binnen de grenzen van het Franse chanson? Vic van de Reijt, samensteller van de cd box Les meilleurs 69, van Brel tot Bruel en van Piaf tot Poppys, vreest de chanson-politie niet. Chanson betekent ten slotte niet meer dan liedje, en Eileen zingt in het Frans en daarmee wordt de scherpslijpers eenvoudig de mond gesnoerd.
En wie zijn de vertolkers van het Franse chanson? Dat is een Armeen (Charles Aznavour), de zoon van een Italiaanse mijnwerker in België (Adamo), een Vlaamse Brusselaar (Jacques Brel), een dame die in Cairo is geboren uit Italiaanse ouders (Dalida), een joodse zangeres uit Tunis (Jacqueline Taïeb), de dochter van een Bulgaarse orkestleider (Sylvie Vartan), en een Amsterdammer (Dave, die eigenlijk Wouter Levenbach heet). Hoezo Frans?
Het is, zo schrijft Van de Reijt ironisch in het cd boekje, allemaal nog veel erger. Dansez maintenant is een compositie uit 1939 van Glenn Miller (Moonlight serenade), en de beroemde Champs Elysées van Joe Dassin liggen oorspronkelijk in Londen: Oh Waterloo Road. Zelfs een van de mooiste liedjes uit de Franse cultuur, J’attendrai, is een bewerking van een Italiaans nummer, Tornerai.
Toen Vic van de Reijt ruim een decennium geleden zijn veertigste verjaardag vierde had hij maar één cadeauwens: of zijn gasten hun vinyl-singles wilden meenemen, die op zolder waarschijnlijk maar een beetje lagen te verstoffen. Zijn toch al niet geringe 45 toeren-verzameling werd in één klap verveelvoudigd en vormde de basis voor een aantal vrolijke en informatieve series in Het Parool, cd-compilaties en feestavonden in het Amsterdamse muziektheater Paradiso. Na de Top-100 van Nederlandstalige singles, de Nederlandstalige cover Top-100 en een overzicht van Duitse hits heeft de plezier-verzamelaar zich nu op het Franse chanson geworpen. Dit project zal ongetwijfeld minder verbazing wekken dan zijn Duitse muziekonderzoek, maar stuit op een praktisch probleem. Frans komt in het onderwijs steeds verder in het verdomhoekje, waardoor de schitterende poëzie van Brel, Barbara en Brassens bijna ontoegankelijk dreigt te worden.
Van de Reijt leunde bij deze klus sterk op Tous les garçons et les filles, de bloemlezing uit het Franse chanson van Liesbeth List, maar heeft genoeg ruimte overgelaten voor eigenzinnigheid. De Nederlandse zangeres met het Franse hart krijgt een ereplekje in de compilatie met haar uitvoering van Va t’en loin van Gilbert Bécaud.
De box werd gepresenteerd in het Filmmuseum in Amsterdam. Dat bood de gelegenheid om enkele verrukkelijke scopitones te vertonen. Deze 16mm kleurenfilmpjes, de voorlopers van de moderne videoclip, waren in de eerste helft van de jaren zestig te bewonderen in de Scopitone-jukebox. Naast de minkukelige danspasjes van Danyel (Butterfly) Gerard, die het eerste exemplaar van Les meilleurs 69 in ontvangst nam, zagen we ook een diep-melancholiek kijkende Françoise Hardy in een kermisattractie, die het maar moeilijk kon verkroppen dat alle jongens en meisjes van haar leeftijd wél een geliefde hadden.
De eerste cd van de smaakvol uitgevoerde box, Chansonniers & Chansonnières, zal vooral de preciezen onder de chanson-liefhebbers tevreden stellen. De krakerige vooroorlogse opening is voor Mistinguett met Mon homme, Joséphine Baker met J’ai deux amours en Parlez-moi d’amour van Lucienne Boyer. Drie maal hetzelfde onderwerp, en dat geldt voor het overgrootste deel van het chanson-repertoire. Zelden echter wordt de liefde plat en fantasieloos verwoord. Muzikale poëzie van Léo Ferré, Edith Piaf en de grootste van allemaal, Jacques Brel.
Als gelegenheids-disk jockey heeft Van de Reijt zijn gehoor eens verbaasd door een hele avond Franse covers van Engelstalige hits te draaien. De Franse overheid eiste van de radiozenders dat ten minste 75% van het muzikale aanbod Franstalig was. Zo is bijna het hele Beatles-repertoire in het Frans vertaald en nam Marie Laforêt Paint it black van de Stones op als Marie douceur, Marie colère. Helaas is slechts een klein deel van die oogst terecht gekomen op cd 2: Swinging Mademoiselles & Jeunes Premiers. Natuurlijk wel alle ruimte voor France Gall, Soeur Sourire met het godsvruchtige Dominique en het weinig verhullende Je t’aime moi non plus van Jane Birkin & Serge Gainsbourg.
De slot-cd is gereserveerd voor de jaren ’70 en ’80 met de ‘Zingende krullenbollen’ als Julien Clerc, Georges Moustaki en Vicky Leandros. In 1977 komt een eind aan de Franse Golf met Ça plane pour moi van de punker Plastic Bertrand, met een kleine opleving door Patricia Kaas en Patrick Bruel.
Tegen alle trends in – de vijfdelige verzamel-serie Vive la France verstopt al jaren de tweedehands platenbakken – verscheen daar opeens Wende Snijders, die vrijwel in haar eentje het Franse chanson in Nederland uit een diepe winterslaap wakker kuste. Heel terecht sluit zij dan ook de derde cd af met een wonderschone, maar helaas ultrakorte, uitvoering van Je suis comme je suis van Jacques Prévert.

Vic van de Reijt présente Les meilleurs 69.
Nikkelen Nelis/Universal