Er komt veel zinnigs uit de mond van Dolf Jansen


Geplaatst in Theaterrecensies op . Gepubliceerd in: de Volkskrant

Dolfdurft door Dolf Jansen en band, regie: Koos Terpstra, De Metropole Almere Stad 13 mei. Tournee.

De cabaretbasis van Dolf Jansen is nog steeds een grote gevatte mond en 150 kilometer per uur monologen. Maar de afgelopen jaren is er steeds meer reflectie in zijn materiaal gekropen. De leeftijd, een paar kinderen thuis en een gezonde afkeer tegen de onbeduidende oppervlakkige praatjes van veel van zijn collega’s zullen daar wel mee te maken hebben. Hoe het ook zij, sinds Dolf Jansen het wedstrijd-cabaret met zijn maatje Lebbis alleen nog reserveert voor de traditionele oudejaarsconférence, is hij als solist interessanter geworden.
Vorig jaar zette hij met Jansen praat al een grote stap op die nieuwe weg, en Dolfdurft is een geslaagde voortzetting. Hij is niet de betweterige cabaretier die weet hoe de wereld in elkaar steekt, maar hij filosofeert over grote levensvragen van liefde, angst, vrede en vrijheid, waar duizenden antwoord-puzzelstukjes achter zitten. Jansen legt uit dat hij de methode hanteert van de arbeider uit het lied One piece at a time van Johnny Cash. Elke dag neemt hij een onderdeel uit de autofabriek mee naar huis. Als hij de 9000 stukken in zijn schuurtje in elkaar heeft gezet, staat er een glimmende Cadillac. Jansen betrekt het publiek nadrukkelijk in zijn zoek- en verzamelwerk. Ofschoon de reacties grotendeels voorspelbaar zijn en de verhoudingen tussen podium en zaal altijd ongelijk blijven, komen er soms wel voorzetjes waar Jansen inventief op ingaat.
Ondertussen schiet hij wat vuurpijlen af over het bruine verleden van de nieuwe Paus, het asielbeleid, ongewenste intimiteiten van honden, en krijgt Jack (Tien) Spijkerman een veeg uit de pan.
Jansen, geen begenadigd zanger, maar het begint wel steeds doorleefder te klinken, leunt zwaar op de band, met onder meer toetsenist Joop van Dijk en blazer André van der Hof. Een geweldige band, die uitstijgt boven een eenvoudig begeleidingsensemble. Met weerbarstige klanken, die soms doen denken aan Zappa, leggen de vijf muzikanten een ruwpolig tapijt waar Jansen zich de hele avond op wentelt.
Er komt veel aan de orde, maar conclusies trekt Jansen nauwelijks. Hij kan er maar niet achter komen of je een pessimist, een realist, een idealist of een saaie lul bent als je leeft zoals je wilt leven. Hij bekent dat hij met dit programma niet durft op te treden in De Talibanbar in Kandahar, Stadion De Roerganger in Pyongyang en de Elly & Rikkerthal in Staphorst, maar saaie lul…zeker niet. Want Jansen houdt zijn mond niet, en er komt veel zinnigs uit.