Lewis Black: ‘Ik ben socialist en dat is uitzonderlijk in de Verenigde Staten


Geplaatst in Theaterreportages/interviews op . Gepubliceerd in: de Volkskrant

Lewis Black - fotograaf Jeroen ArendsZestien jaar geleden kwam de onbekende Lewis Black naar Amsterdam met een groepje New Yorkse stand up comedians voor de eerste editie van de New York Comedy Nights. Nu komt hij terug als grote meneer die Carnegie Hall vol krijgt. Hij is een regelmatige gast bij David Letterman, met een aantal specials voor het televisiestation Comedy Central op zijn naam, en als narrige mopperaar is hij een van de comedy pijlers van de populaire talkshow van Jon Stewart. Die rol is hem het liefst.
‘Ik ben de laatste jaren steeds radicaler en kwader geworden. Het is goed dat ik voor de voorstelling niet drink, anders zou ik mijn woede niet in de hand houden. Ik ben het zat om nog met klootzakken te discussiëren. Amerikaanse politici en zakenmensen gedragen zich als de Medici, die moeite hebben om met tien miljoen dollar per jaar rond te komen. Ik heb de wereld de laatste decennia naar de klote zien gaan, dus als ik kritiek heb, dan heb ik gelijk. Punt uit. Maar alles is nog niet verloren. We zijn in mijn leven van Eisenhower naar Bush gegaan. Als dat evolutie is, dan zou de volgende president een plant moeten zijn. Maar met Obama is er een sprankje hoop, dat iets van de enorme schade hersteld wordt. Amerika ontwaakt nu uit een coma.
‘Ik ben socialist, en dat is in de VS een zeldzaam ras. Ik voel me alleen vertegenwoordigd door de onafhankelijke socialistische senator Bernie Sanders uit Vermont. Hij is de enige die niet zeikt over belastingen.’
Black is met zijn sociaal-politieke grappen een vreemde eend in de Amerikaanse comedy-bijt. ‘Ik weet niet waarom vrijwel geen enkele komiek voor maatschappelijk repertoire kiest, terwijl er zeker door Bush zo’n vreselijke behoefte aan is. Daarom kan ik nu in grote zalen spelen. Carré past ook goed bij mij. Dat is toch van oorsprong een circustheater? Nou, als daar olifanten mogen schijten, dan kan ik er ook comedy doen.
‘Ik weet dat na de moord op Theo van Gogh hier een discussie is losgebarsten over de grenzen van vrijheid van meningsuiting. Ik kan in het theater en op tv in de VS alles zeggen. Alleen wordt op tv het gevloek weggepiept. Nothing’s sacred is de titel van mijn autobiografie, en zo is het: geen enkele autoriteit of opvatting is heilig. Het heeft alleen geen zin om grappen te maken over abortus, omdat beide partijen in een kramp schieten als het woord valt en niet eens meer de moeite nemen om naar de grap te luisteren. Verder kan alles, maar je moet de woorden goed kiezen. En het moet leuk zijn, want ik ben toch in de eerste plaats een entertainer. Ik wil niet, net als Lenny Bruce of Andy Kaufman het publiek in totale verwarring achterlaten. Ik schop het publiek wel door de zaal, maar ze moeten wel lachen.’

Lewis Black is in town, vanavond in Koninklijk Theater Carré, Amsterdam.